‘Als je hier mijnen kan bestrijden, dan lukt het overal’

In 2005 kwamen drie Nederlandse vissers om het leven nadat een oorlogsbom die in hun netten was beland op het dek ontplofte. Zulke tragic incidenten zijn gelukkig zeldzaam. Toch doen de Belgische, Nederlandse en Franse marine er alles aan om de Noordzee bommenvrij te maken.

‘Het is ontzettend belangrijk dat we onze wateren ontmijnen’, zegt luitenant-ter-zee eerste klasse Olivier Vogels. ‘De Noordzee is een heel drukke plek. Dagelijks zijn er meer dan duizend scheepsbewegingen. Daarmee hebben we een van de drukst bevaren zeeroutes ter wereld. Maar er is ook veel visserij, er zijn zandwinningsgebieden, windmolenparken en natuurreservaten. En dat allemaal op een heel beperkte ruimte.’

Het risico op een aanvaring met historische munitie is reëel, zegt Vogels. ‘Als dat gebeurt, valt alle scheepvaart in de regio stil. Elk schip is immers een mijnenveger, zij het eenmalig. Zo’n incident kan enormous economische schade opleveren. Kijk maar naar de gevolgen van het containerschip Ever Given, dat vorig jaar vastliep in het Suezkanaal.’

In de commandokamer interpreteren operatoren de sonarbeelden. Welke vlek op het scherm is mogelijk een mijn?

De Belgische marine, die in Zeebrugge is gevestigd, houdt zich bezig met het opsporen, in kaart brengen en vernietigen van mijnen en springtuigen in de Noordzee. ‘Jaarlijks vinden en vernietigen we een twintigtal mijnen voor onze kust’, zegt luitenant-ter-zee Pieter Vanhessche. Dat opsporen blijkt niet vanzelfsprekend. ‘We hebben hier een uitdagend stukje zee. Het water is troebel in ondiep. Er is ook veel stroming, waardoor zandbanken op de bodem zich razendsnel verplaatsen. Als we een mijn lokaliseren, moeten we ze onschadelijk maken voordat ze alweer onder het zand wordt begraven. En we moeten eleven acties ook nog eens goed coördineren met alle activiteiten in en op de zee.’

De dienst bouwde een sterke reputatie op in het verwijderen van mijnen om waterwegen veiliger te maken. ‘Als je hier in de Noordzee mijnen en springtuigen kan bestrijden, dan kan je het overal’, zegt Vogels. ‘Wereldwijd wordt naar eleven expertise gevraagd.’

Zoeken en vernietigen

Als ik je zou vragen om een ​​zeemijn te tekenen, hoe zou die er dan uitzien? De kans is groot dat je nu denkt aan een bol met stekels, via een ketting vastgemaakt aan de zeebodem. In werkelijkheid is de variatie groot. ‘Zeemijnen kunnen reageren op magnetische, akoestische of druksignalen’, zegt Vogels. ‘Er bestaan ​​zelfs mijnen die een specifiek aantal schepen laten passeren, om dan pas bij bijvoorbeeld het vierde schip alsnog te ontploffen.’

De Seafox mini-onderzeeboot wordt op ontdekking gestuurd.

Ook in de jacht op mijnen zijn er verschillende mogelijkheden. Het oudste en meest riskante concept is de mijnenveger. Een mijnenveegtuig wordt achter het schip aan gesleept en bootst een schip na. Het is dan simpelweg de bedoeling om de mijn te doen afgaan en zo te vernietigen. ‘Op die handle werken we niet meer’, zegt Vogels. ‘We zijn overgeschakeld naar mijnenjagen. Een mijnenjager gaat actief op zoek naar springtuigen, om ze dan gecontroleerd te vernietigen met explosieven.’

Vogels en Vanhessche nodigen me uit aan boord van de mijnenjager Primula om de werking te demonstreren. ‘Een mijnenjager is gebouwd om zich met zo min mogelijk risico in een mijnenveld te begeven’, zegt Vanhessche. ‘Daarvoor moet het schip een zo klein mogelijke signatuur hebben. Dat is de som van alle (materiaal)eigenschappen van het schip die detecteerbaar zijn voor radars of mijnen.’

‘De romp is niet gemaakt uit staal maar uit glasvezel. De bovenstructuur is van aluminium. No daarop komen de metalen onderdelen. Eens het schip zich in het mijnenveld bevindt, schakelt de kapitein ook over op een elektromotor in plaats van een dieselmotor. Die ingrepen maken het schip zo goed als onzichtbaar voor de sensoren van mijnen.’

We zijn intussen in de Primula afgedaald tot in de commandocentrale. Het is een compact ruimte met laag ceiling waarin zoveel mogelijk apparatus is geplaatst. Op de computerschermen speuren de mijnenjagers naar verdachte objecten op de zeebodem of in een waterkolom. Ze laten daarvoor een drone met sonar in het zeewater zakken.

Zandbanken, scheepvaart, natuurgebieden en visserijzones maken van de Noordzee een drukke en complex plek om mijnen te zoeken.

‘Op het scherm zien we enkel een kaart van de zeebodem en mogelijke objecten in zwart-wittinten’, zegt assist mijnenjacht Deborah Bernaert. ‘We zien in eerste instantie dus niet over welk object het gaat. Het kan een steen of een gedumpte koelkast zijn, maar ook een mijn. We proberen dat in te schatten op basis van de afmetingen, de diepte en omvang van het object.’

‘Als een object verdacht lijkt, dan sturen we er eerst de Seafox op af. Dat is een onbemande mini-onderzeeboot met een camera aan boord om het object te bekijken. Blijkt het om een ​​mijn te gaan, dan dalen duikers naar beneden af ​​om er explosieven op aan te brengen.’ Daarna volgt een indrukwekkende ontploffing. ‘I mag het tenantallen keer meegemaakt hebben, zo’n bom die afgaat op zee blijft een geniale ervaring’, vult Vogels aan.

On request mijnenjagers van de toekomst

De marine zet met de Seafox al sinds de jaren 1980 drones in om mijnen op te sporen. In 2024 verwacht ze zes nieuwe mijnbestrijdingsvaartuigen. Vanaf dan wordt het complete proces, van opsporen tot vernietigen, onbemand.

‘In het nieuwe concept, dat we hier in België hebben bedacht, blijft het moederschip op grote afstand van het mijnenveld, tot twintigtal kilometer’, zegt Vanhessche. ‘Van daaruit worden vliegende, varende en duikende drones in het mijnenveld gestuurd. Zo kunnen we sneller en veiliger werken, want de bemanning bevindt zich buiten het risicogebied.’

De gele mini-onderzeeboot inspecteert verdachte objecten van dichterbij om te kijken of het over gevaarlijke munitie gaat.

‘Het moederschip lost een drone die met een sonar op zoek gaat naar mijnen. Een tweede drone kan de mijn van naderbij bekijken, en een derde kan ze onschadelijk maken. De moederschepen worden gebouwd in Concarneau (Frankrijk) bij Naval Group. Robotics. De drones worden gebouwd in Oostende door technologiebedrijf ECA Robotics Belgium.’

Het eerste schip heeft intussen al een naam, Oostende, en een meter, zeilster ​​Emma Plasschaert. ‘De eerste missies zullen naar verwachting plaatsvinden in 2024’, zegt Vogels. ‘De hele wereld zal dan toekijken naar dit vernieuwende concept.’

Leave a Comment